Een jurist is ook altijd een mens

Een jurist is ook altijd een mens

“Wat bezielt die gemeente toch, om mij zo het leven zuur te maken?”

Met een grote tas vol documenten kwam ze die zaterdagmorgen mijn kantoor op de Koffiebrandery binnen. Ze had ruim 130 km er op zitten om naar mijn spreekuur te komen, want het zat haar wel hoog, dat conflict met de gemeente. Ze was er voor 100% van overtuigd dat ze eigenaar was geworden van een deel van haar voortuin, die nu op gemeentegrond lag. Het ging om ongeveer 13m2, maar de gemeente moest niet denken dat ze zich zo maar gewonnen gaf! Toen ze jaren geleden in een vechtscheiding was beland, heeft ze ook moeten procederen en zie: ze had alles gewonnen! Dus dit conflict met de gemeente kon ze ook wel aan, hoe oneerlijk ze de opstelling van de gemeente ook ervoer.

Ze had zich er goed in verdiept en ik zag mijn boek in haar tas liggen.

“Eigenlijk is het wel razend interessante materie”, vertrouwde ze me toe. “Jouw boek heb ik met veel interesse gelezen en misschien ga ik wel eens rechten studeren.”

Tja, daar kon ik het natuurlijk niet mee oneens zijn. Stiekem was ik wel trots dat mijn boek ook door geïnteresseerde leken wordt gelezen. Je doet je stinkende best om zo duidelijk mogelijk te schrijven, maar het is afwachten of dat ook lukt. Bij haar was dat gelukt en daar werd ik blij van.

Vervolgens zette ik mijn professionele gezicht weer op en kwamen we ter zake. In ruim een half uur bespraken we uitgebreid haar dossier.

Emotie en inhoud: wat telt?

Als materiedeskundige ben ik geneigd om meteen op de inhoud in te gaan. Dat vind ik immers geweldig om te doen: ik houd erg van mijn vak en kan er uren over vertellen. Als professional moet ik echter allereerst beseffen dat ik op zo’n moment een relatie heb met degene die tegenover mij zit. Het is de relatie die telt en daarin speelt mijn gesprekspartner de hoofdrol, niet mijn kennis.

Ik zit er niet voor mezelf, in een zakelijk relatie. Maar, ik bén wel mezelf. Emoties zijn voor professionals net zo belangrijk als de inhoud.

Daarom hanteer ik altijd een paar vuistregels:

  1.  Vooraf: geen sprookjes beloven. Begin bij de start van een zakelijke relatie eerlijk en beloof geen gouden bergen, die je niet kunt waarmaken. Zelfbewust en vol vertrouwen stellen dat jij echt de beste bent voor deze klus of vraag, is één. Maar trap niet in de valkuil dat je iemand de hemel gaat beloven, opdat je de opdracht maar binnen haalt of het vertrouwen in een goede afloop versterkt. Dat is vragen om moeilijkheden.
  2. Onderweg: communicatie. Gebrek aan communicatie is één van de meest gehoorde klachten over juristen. Als je geen feiten aan je cliënt of gesprekspartner meegeeft, vult deze ze vaak zelf in en dan is de kans klein dat die eigen invulling juridisch correct is. Besef dat degene die tegenover jou zit leek is en sommige zaken – voor jou zo vanzelfsprekend – niet kan onthouden of er totaal geen ervaring mee heeft. Wees er dus op voorbereid dat je sommige zaken vaak moet herhalen, in verschillende bewoordingen.
  3. Onderweg: denk na over een rampenplan of plan B. Bereid je cliënt of opdrachtgever voor op mogelijke teleurstelling. Bereid dus verschillende scenario’s voor, voordat je een hoorzitting, onderhandeling of telefoongesprek in gaat. Heb altijd een plan B paraat als zaken mis dreigen te lopen.
  4. Altijd: houd gepaste afstand van je eigen emoties. Reageer als een vakvrouw of –man. Niemand wil zich laten bijstaan door of praten met een ijskonijn (geen ‘klik’), maar geen enkele cliënt of opdrachtgever heeft iets aan een zeer emotioneel reagerende jurist die zich volledig identificeert met het dossier of gaat roepen dat “je daar al die tijd al voor gewaarschuwd heb”. Het is jouw taak als vakvrouw of –man om rustig, zelfverzekerd en empathisch te reageren op de situatie. Jij bewaakt dus de balans tussen rationeel reageren als jurist en empathie voor je cliënt en diens positie. Je mag zelf natuurlijk best even tieren of schelden en/of onderuitzakken en je zelf troosten met een bemoedigend woord van een collega of een lekkere snack, maar dat doe je ver buiten het zicht van je cliënt of wederpartijen. Afreageren dus je dus echt privé of op kantoor en NIET op Social Media of zo.
  5. Vertrouw op je gevoel. Dat klinkt misschien tegenstrijdig, na het vorige, maar ik heb daarin leergeld betaald. Als je mensen niet vertrouwt of je hebt de indruk dat er zaken in hun verhaal niet kloppen of gewoon verdacht zijn, dan is dat meestal ook zo. Ga dat dan niet wegrationaliseren en/of allerlei waarborgen inbouwen (voorbehouden maken, voorschotten vragen, nadere informatie inwinnen, enz), maar begin er gewoon niet aan. Neem afscheid van zo’n cliënt want deze gaat je meer energie kosten dan opleveren. Vertel vriendelijk waarom je hen niet verder kan helpen, bekijk of je hen kunt doorverwijzen en zwaai ze uit. Een bevriende ondernemer vertelde mee eens dat hij dan een grote fles cognac koopt, naar betrokkene toe rijdt, de fles overhandigt en zegt “Nou X, ik denk niet dat wij een vruchtbare relatie kunnen hebben of voortzetten. Veel succes met je werk/dossier/project en de groeten.”
  6. Na afloop: kijk terug. Je hebt een Plan B als reactie op een teleurstellende ontwikkeling aan je cliënt voorgelegd. Nu is het zaak om als mens achter de professional alles een plekje te geven en te relativeren. Veel problemen hebben immers geen gemakkelijke oplossing. Ook al doe je je stinkende best, je hebt rechters en wederpartijen niet aan een touwtje. Je bent vaak afhankelijk van zaken die je niet of maar een beetje kunt beïnvloeden. En je maakt af en toe fouten, want je bent ook maar een mens. Uiteindelijk maak je zelf uit, hoe je hierop reageert.

Hoe ga jij om met emoties in je werk? Wil je dat me delen, hieronder? Of mail me op info@vanleijenoverheidsrecht.nl.

Ik ben zeer benieuwd naar je reactie.

Vond je deze blog de moeite waard? Wil je ’em dan delen in je netwerk?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *